Uitspraak
[appellante],
[geïntimeerde],
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
2.De vaststaande feiten
[X] (getuige/bemiddelaar)”. [X] was op dat moment als hulpverlener (trajectbegeleider) betrokken bij partijen.
(…)
(…) Er is geen enkele communicatie tussen de ouders. Moeder wil onder geen beding met vader in gesprek. Moeder wil de plek en invloed van vader in het leven van de kinderen minimaliseren.