ECLI:NL:GHARL:2013:BZ3799
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Faillissementsgijzeling gegrond ondanks beroep op nemo tenetur-beginsel en EVRM
Appellant is in staat van faillissement verklaard en op grond van artikel 87 Faillissementswet Pro in verzekerde bewaring gesteld vanwege het niet verstrekken van noodzakelijke informatie aan de curator en rechter-commissaris. Ondanks zijn beroep op het nemo tenetur-beginsel en artikel 6 EVRM Pro, weigert appellant nog steeds medewerking te verlenen.
De rechtbank oordeelde dat de gronden voor de inbewaringstelling onverminderd aanwezig zijn en wees het verzoek tot ontslag uit de bewaring af. Het hof bevestigt dit oordeel en benadrukt dat de faillissementsgijzeling een rechtsherstellend dwangmiddel is om de informatieplicht af te dwingen, niet een strafrechtelijke sanctie.
Het hof overweegt dat de informatieplicht volgens artikel 105 Fw Pro niet in strijd is met het nemo tenetur-beginsel, ook al kan de verstrekte informatie mogelijk leiden tot strafrechtelijke vervolging. De belangen van een adequate faillissementsafwikkeling wegen zwaarder dan de inbreuk op de persoonlijke vrijheid van appellant. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de beschikking van 20 februari 2013 bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de inbewaringstelling van appellant wegens weigering medewerking te verlenen aan de curator.