ECLI:NL:GHAMS:2026:746
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.A. Wabeke
- E.K. Veldhuijzen van Zanten
- D.J.W.M. Kemperink
- Rechtspraak.nl
Geen aansprakelijkheid voor lekkage na timmerwerkzaamheden aan aanbouw
In juli 2021 voerden partijen een aannemingsovereenkomst uit waarbij de geïntimeerde timmerwerkzaamheden verrichtte aan de kap van een aanbouw die appellanten zelf hadden gebouwd. De werkzaamheden werden opgeleverd en betaald. In augustus 2023 en februari 2024 constateerden appellanten lekkages in hun woning en stelden zij geïntimeerde aansprakelijk voor de schade.
De kantonrechter wees de vordering af en het hof bevestigt dit oordeel. Uit de offerte en deskundigenrapporten blijkt dat het aanhelen van de bestaande woning aan de nieuwe dakopbouw niet tot de overeengekomen werkzaamheden behoorde. De lekkage werd veroorzaakt door een constructiefout in de overgang tussen oude en nieuwe bouw, waarvoor appellanten zelf verantwoordelijk zijn.
Ook het subsidiaire betoog dat geïntimeerde zijn waarschuwingsplicht zou hebben geschonden, wordt verworpen omdat een deugdelijke aanheling algemeen bekend is als noodzakelijk voor waterdichtheid. Ten aanzien van de lekkage in februari 2024 is onvoldoende causaal verband aangetoond met het door geïntimeerde geplaatste noodhout.
Het hoger beroep wordt afgewezen, het bestreden vonnis bekrachtigd en appellanten worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering af en bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter wegens ontbreken van causaal verband tussen de werkzaamheden en de lekkage.