ECLI:NL:GHAMS:2026:745
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verwijdering van door huurder geplaatste beveiligingscamera’s aan buitenzijde woning
In deze civiele zaak staat de vraag centraal of de huurder, die camera’s aan de buitenzijde van haar woning heeft geplaatst zonder toestemming van verhuurder Ymere of de Vereniging van Eigenaren (VvE), deze moet verwijderen. De kantonrechter had geoordeeld dat de huurder de camera’s mocht behouden zolang de VvE geen nieuw camerasysteem had geïnstalleerd. Het hof komt tot een ander oordeel en veroordeelt de huurder tot verwijdering.
De huurovereenkomst is gesloten vóór 1 augustus 2003, waardoor het oude recht van toepassing is. De algemene voorwaarden van Ymere bevatten een algeheel verbod op wijzigingen aan de buitenzijde zonder schriftelijke toestemming. Het hof oordeelt dat dit beding rechtsgeldig is en dat de huurder zonder toestemming heeft gehandeld in strijd met de overeenkomst.
De huurder voerde aan dat zij een gerechtvaardigd belang had vanwege overlast van een buurman en dat de camera’s haar veiligheid dienden. Het hof acht dit onvoldoende bewezen en stelt dat de belangen van Ymere bij leefbaarheid en uniformiteit zwaarder wegen. De vordering tot verwijdering wordt daarom toegewezen, met een termijn van twee weken voor verwijdering en herstel van de gevel. De beslissing over proceskosten wordt aangehouden in afwachting van een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie van de EU.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot verwijdering van de camera’s aan de buitenzijde van de woning en herstel van de gevel binnen twee weken.