ECLI:NL:GHAMS:2025:632

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
13 maart 2025
Publicatiedatum
14 maart 2025
Zaaknummer
23-001694-24
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 63 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging hoger beroep diefstal scooter en poging diefstal in vereniging met stiletto mes

In deze strafzaak stond de verdachte terecht voor diefstal van een scooter, het voorhanden hebben van een stiletto mes en de poging tot diefstal van een scooter in vereniging door middel van braak. Het hoger beroep was ingesteld tegen het vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Noord-Holland van 7 oktober 2024.

Tijdens de terechtzitting in hoger beroep op 27 februari 2025 heeft het gerechtshof kennisgenomen van de vorderingen van de advocaat-generaal en de verdediging. De advocaat-generaal vorderde bevestiging van de opgelegde straffen. Het hof heeft het vonnis van de kinderrechter bevestigd, met dien verstande dat de kwalificatie van het derde feit is verbeterd en aangevuld met artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht.

De verbetering betreft het lezen van het derde feit als poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij het weg te nemen goed onder bereik is gebracht door middel van braak. Het arrest is uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 13 maart 2025. De oudste en jongste raadsheer konden het arrest niet mede ondertekenen.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt het vonnis van de kinderrechter met een verbeterde kwalificatie van poging diefstal in vereniging en toepassing van artikel 63 Sr.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002390-24
datum uitspraak: 13 maart 2025
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Noord-Holland van 7 oktober 2024 in de strafzaak onder parketnummer 15-009401-24 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2006,
adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 27 februari 2025 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en diens raadsvrouw naar voren hebben gebracht.
De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting in hoger beroep gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straffen als door de rechter in eerste aanleg opgelegd.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat het hof:
  • de door de kinderrechter gegeven kwalificatie van feit 3 primair verbeterd leest als: poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van
  • de toepasselijke wettelijke voorschriften aanvult met artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht .

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. C.J. van der Wilt, mr. A.M. Kengen en mr. M.K. Durdu-Agema, in tegenwoordigheid van mr. C.E. Dongelmans, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 13 maart 2025.
De oudste en de jongste raadsheer zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.