ECLI:NL:GHAMS:2023:1228
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over vaste aanneemsom en ontbinding aannemingsovereenkomst verbouwing woning
Appellant gaf geïntimeerde opdracht tot verbouwingswerkzaamheden aan zijn woning. Er ontstond discussie over de aard van de overeenkomst: vaste aanneemsom of aanneming op basis van regie. Appellant stelde dat partijen een vaste aanneemsom van €20.000,- hadden afgesproken met oplevering eind maart 2017, en vorderde ontbinding wegens verzuim van geïntimeerde.
De rechtbank wees de vorderingen af, oordelend dat geen vaste aanneemsom was overeengekomen en dat geïntimeerde niet tekortgeschoten was. In hoger beroep stelde appellant bewijs te hebben geleverd van een vaste aanneemsom, onder meer via e-mails en WhatsApp-berichten. Het hof volgde appellant in dat oordeel, maar vond de gestelde oplevertermijn onvoldoende onderbouwd en de gegeven nakomingstermijn van een week onredelijk kort.
Omdat geïntimeerde niet in verzuim verkeerde op het moment van ontbinding, was de ontbinding niet gegrond. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van appellant af wegens onredelijke nakomingstermijn en geen verzuim van geïntimeerde.