Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Tenlastelegging
zij in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 31 oktober 2013 te Rotterdam en/of Amsterdam, althans in Nederland,
Vonnis waarvan beroep
Bewijs
Bewezenverklaring
zij in de periode van 12 januari 2012 tot en met 29 november 2014 in Nederland, telkens opzettelijk een hoeveelheid geld, in totaal € 63.325, toebehorende aan [benadeelde] , welk geld verdachte als penningmeester van de [benadeelde] onder zich had, zich telkens wederrechtelijk heeft toegeëigend;
zij in de periode van 31 januari 2012 tot en met 31 oktober 2013 in Nederland, telkens opzettelijk gebruik heeft gemaakt van en heeft afgeleverd en voorhanden heeft gehad
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straffen
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
Schadevergoedingsmaatregel
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden.
3 (drie) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
5 (vijf) jaren.
63.510,79 (drie en zestig duizend vijfhonderd en tien euro en negenenzeventig eurocent) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
€ 11.883,-
(elfduizend acht honderd en drieëntachtig euro).
63.510,79 (drie en zestig duizend vijfhonderd en tien euro en negenenzeventig eurocent)als vergoeding voor materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.