ECLI:NL:GHAMS:2022:2843
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor lokaalvredebreuk in gemeentehuis Amsterdam zonder strafoplegging
Op 2 mei 2019 verbleef de verdachte wederrechtelijk in het gemeentehuis van Amsterdam met het doel daar te overnachten, nadat hij geen andere slaapplek had kunnen regelen. Ondanks meerdere vorderingen van een beveiliger en een politieambtenaar om het pand te verlaten, weigerde hij dit. Hierdoor werd hij aangehouden op verdenking van lokaalvredebreuk.
De verdachte stelde in hoger beroep dat niet was gebleken dat de vordering tot vertrek door een bevoegde ambtenaar was gedaan. Het hof oordeelde echter dat de beveiligers namens de rechthebbende, de gemeente Amsterdam, bevoegd waren om de verdachte te vorderen het pand te verlaten. Het hof verwierp het bewijsverweer en achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit had begaan.
Hoewel de advocaat-generaal een taakstraf vorderde, oordeelde het hof dat het handelen van de verdachte een oprecht eenmansprotest betrof en dat hij niet eerder soortgelijke feiten had gepleegd. Daarom werd besloten geen straf of maatregel op te leggen. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak de verdachte vrij van andere tenlasteleggingen dan bewezen verklaard.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld voor lokaalvredebreuk maar geen straf of maatregel opgelegd.