Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[appellante 1] B.V.,
[appellante 2] B.V.,
[appellante 3] B.V.,
[appellante 4] B.V.,
[appellante 5] B.V.,
[appellante 6] B.V.,
[appellante 7],
[appellante 8],
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
3.Feiten
grief 1maken [appellanten] een aantal bezwaren tegen deze feitenweergave. Voor zover terecht en van belang houdt het hof hierna met deze grief rekening. Samengevat komen de feiten neer op het volgende.
a) uw activiteiten en doelen
Het voortbestaan van uw ondernemingen in gevaar is, door de gelegde beslagen, de mogelijke bedrijfseconomische gevolgen van de negatieve publiciteit alsmede de impact van de gelegde beslagen als ook de mogelijke geldboetes op uw financiële positie.
Er zijn strafrechtelijke beslagen gelegd op onder andere de bankrekeningen (en geldsaldi) alsmede de voorraden van uw onderneming. OM is voornemens de voorraden waarop beslag is gelegd te verkopen. Dit betreft actief dat aan ING is verpand.