Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Tenlasteleggingen
hij in of omstreeks de periode van 03 februari 2012 tot en met 14 juni 2012, te Amsterdam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen, een aan PostNL toevertrouwd stuk en/of pakket, opzettelijk aan een ander dan de rechthebbende heeft afgegeven en/of heeft weggemaakt en/of zich heeft toegeëigend en/of enig daarin gesloten voorwerp zich heeft toegeëigend, terwijl hij, verdachte, werkzaam is bij PostNL, immers heeft/hebben hij en/of zijn mededader(s) aldaar opzettelijk onder andere
hij in of omstreeks de periode van 10 april 2012 tot en met 14 juni 2012, te Amsterdam en/of Diemen en/of Rotterdam en/of Leeuwarden en/of Almere, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening een of meer
Hoofdzakelijk zaaksdossier postmedewerker, Zaaksdossier Doorzoeking Bijlmerplein en Zaaksdossier 140 Verbaal)
Vonnis waarvan beroep
Verweer partieel nietige dagvaarding
Overwegingen ten aanzien van het bewijs
Bewezenverklaring
hij omstreeks de periode van 29 februari 2012 tot en met 14 juni 2012, te Amsterdam, een aan PostNL toevertrouwd stuk en/of pakket, en enig daarin gesloten voorwerp opzettelijk zich heeft toegeëigend, terwijl hij, verdachte, werkzaam is bij PostNL, immers heeft hij opzettelijk
hij op 10 mei 2012 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening geldbedragen heeft weggenomen, immers hebben hij en zijn mededader op 10 mei 2012 EUR 900,- en EUR 1,30 (afkomstig van het rekeningnummer [...] ten name van [A. v.d. B.] ), welke bedragen toebehoren aan die [A. v.d. B.] ,
hij in de periode van 6 februari 2012 tot en met 15 juni 2012 in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen heeft deelgenomen aan een organisatie te weten een samenwerkingsverband van een aantal natuurlijke personen, te weten [medeverdachte A.D.] en [medeverdachte V.D.] en [medeverdachte E. A.] en [medeverdachte C.A.] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten verduistering gepleegd door postfunctionaris (artikel 273b Wetboek van Strafrecht) en oplichting van rechtsperso(o)n(en) (artikel 326 van Pro het Wetboek van Strafrecht) en witwassen van geldbedragen (artikel 420ter/bis Wetboek van Strafrecht) en diefstal met gebruikmaking van valse sleutels (artikel 311 Wetboek Pro van Strafrecht);
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf
Vordering van de benadeelde partij ING Bank N.V. [2]
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
16 (zestien) maanden.
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
taakstrafvoor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.