Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
ten aanzien van de kinderalimentatie:
ten aanzien van de woning:
Gerechtshof Amsterdam
Partijen zijn in 2007 in Frankrijk gehuwd en hebben twee kinderen die tijdens het huwelijk zijn geboren. De man is juridische vader, maar niet biologisch. De rechtbank heeft de man veroordeeld tot betaling van kinderalimentatie en een verdeling bij helfte van de huwelijksgemeenschap vastgesteld, waaronder de woning en levensverzekeringspolis.
De man stelde in hoger beroep dat hij geen onderhoudsplicht heeft omdat hij geen biologische vader is, dat de kinderen geen alimentatiebehoefte hebben, en dat hij geen draagkracht heeft. Tevens voerde hij aan dat de woning vóór het huwelijk was gekocht en dat hij dwalend was over het toepasselijke huwelijksvermogensrecht, waardoor een afwijking van de verdeling bij helfte gerechtvaardigd zou zijn. Ook stelde hij dat de levensverzekeringspolis aan hem verknocht is.
Het hof oordeelde dat de man als juridische vader gehouden is tot kinderalimentatie, ook bij een schijnhuwelijk, en dat de kinderen behoefte hebben aan alimentatie. De man heeft zijn draagkracht niet onderbouwd. De wettelijke verdeling bij helfte van de huwelijksgemeenschap blijft van toepassing, omdat de man onvoldoende feiten en omstandigheden heeft gesteld die een afwijking rechtvaardigen. De peildatum voor de waardering van de woning blijft de datum van feitelijke verdeling. De levensverzekeringspolis valt in de gemeenschap en moet bij helfte worden verdeeld.
Alle grieven van de man falen, de bestreden beschikking wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking en bevestigt de onderhoudsverplichting en verdeling bij helfte van de huwelijksgemeenschap.