Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
Vervoerder is gerechtigd om een vlucht te doen uitvoeren door een andere vervoerder en/of met een ander luchtvoertuig (…).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Amsterdam
Appellante had een vlucht geboekt bij Transavia van Rotterdam naar Faro met een terugvlucht een week later. Kort voor de terugvlucht werd zij geïnformeerd dat de terugvlucht uitgevoerd zou worden door Miami Air, een andere maatschappij. Appellante vorderde daarop schadevergoeding wegens vermeende wanprestatie en stelde dat de algemene vervoersvoorwaarden niet van toepassing of vernietigbaar waren.
De kantonrechter wees de vorderingen af, waarna appellante in hoger beroep ging. Het hof stelde vast dat de algemene vervoersvoorwaarden van Transavia van toepassing zijn omdat het akkoord hiermee verplicht was bij het boeken. De bepaling dat Transavia een vlucht door een andere vervoerder mag laten uitvoeren is niet onredelijk bezwarend en rechtsgeldig opgenomen.
Het hof oordeelde dat Transavia niet toerekenbaar tekort is geschoten. Appellante had geen materiële schade onderbouwd en haar beroep op immateriële schade werd onvoldoende gemotiveerd. Ook het beroep op dwaling faalde omdat zij de voorwaarden niet had gelezen. Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde appellante in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van appellante af wegens het ontbreken van toerekenbare tekortkoming en onvoldoende schade.