Uitspraak
1.Het geding
2.Het wrakingsverzoek
- de bijzitters waren zwijgzaam;
- er is bewust voorbijgegaan aan de aangevoerde feiten, het feitencomplex is bewust niet behandeld of men is er niet op ingegaan;
- tijdens de zitting is hij bewust belemmerd het feitencomplex aan te voeren, hem is herhaald gezegd dat hij niet het volledige verhaal moest vertellen;
- er is geen reactie gegeven op vragen of opmerkingen over de plaats van het openbaar ministerie in de zittingszaal en op de vraag of er (beeld)opnamen werden gemaakt en zo nee, waarom niet.
- gelet op de uitgebreide behandeling van het wrakingsverzoek door de voorzitter was er voor de bijzitters geen enkele reden om aan verzoeker vragen te stellen of opmerkingen te maken;
- verzoeker heeft alle gelegenheid gekregen en benut om zijn verzoek tot wraking van de voorzitter van de strafkamer toe te lichten;
- bij zijn toelichting op het wrakingsverzoek is verzoeker op diverse momenten ingegaan op de inhoud van de strafzaak zelf. De voorzitter van de wrakingskamer heeft verzoeker daarvoor enige ruimte gegeven en hem vervolgens een aantal keren rustig uitgelegd dat de wrakingskamer alleen over het wrakingsverzoek beslist en dat het feitencomplex bij de inhoudelijke behandeling nog aan de orde zal komen;
- verzoeker hield een betoog over de zitplaats van de advocaat-generaal; daarover heeft de voorzitter opgemerkt dat het een staatkundig betoog was waar de wrakingskamer niet over gaat;
- op de vraag van verzoeker over opgenomen camerabeelden heeft de voorzitter toegelicht dat de in de zittingszaal aanwezige camera's bedoeld zijn voor de beveiliging, maar dat er, voor zover hij weet, geen opnamen mee worden gemaakt;