Uitspraak
1.Het geding
2.De feiten en het procesverloop
3.Het wrakingsverzoek
4.Het oordeel van de wrakingskamer
[X]en de inspecteur van de Belastingdienst. In die zaak treedt [verzoeker] , zoals door hem tijdens de behandeling van het wrakingsverzoek ook is erkend, niet op namens partij [X] . Reeds daarom kan verzoeker niet in het wrakingsverzoek worden ontvangen.