ECLI:NL:GHAMS:2019:893
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toekenning vergoeding verhuis- en inrichtingskosten na beëindiging huurovereenkomst
In deze civiele zaak tussen [X] B.V. en Victoria Hotel C.V. bevestigde het hof dat de kantonrechter terecht de huurovereenkomst had beëindigd vanwege het zwaarder wegen van het belang van Victoria Hotel. [X] vorderde een vergoeding voor verhuis- en inrichtingskosten van ruim €128.000 exclusief btw, inclusief een goodwillvergoeding van €150.000 voor de nieuwe locatie.
Het hof oordeelde dat veel van de stukken die [X] had overgelegd slechts offertes waren zonder bewijs van daadwerkelijke kosten, en dat sommige facturen niet aan [X] maar aan een derde waren gericht. Ook werden facturen voor werkzaamheden na de intrekdatum betwist. De goodwillvergoeding viel niet onder verhuis- en inrichtingskosten en werd daarom niet meegenomen.
Gezien de lange duur van de huurovereenkomst en de redelijke afschrijving kende het hof een vergoeding van €10.000 toe. Tevens gaf het hof Victoria Hotel de mogelijkheid om haar vordering tot beëindiging van de huurovereenkomst in te trekken, waarna verdere beslissing werd aangehouden.
Uitkomst: Het hof kent een vergoeding van €10.000 toe voor verhuis- en inrichtingskosten en stelt verhuurder in de gelegenheid haar vordering tot beëindiging in te trekken.