ECLI:NL:GHAMS:2019:2845
Gerechtshof Amsterdam
- Rekestprocedure
- J.H.C. van Ginhoven
- A.M. Kengen
- M.J.A. Duker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot tenuitvoerlegging voorwaardelijke jeugddetentie wegens gewijzigde omstandigheden
De advocaat-generaal vorderde dat het hof een last tot tenuitvoerlegging zou geven van een voorwaardelijke jeugddetentie van een week met een proeftijd van twee jaar, opgelegd bij een onherroepelijk arrest uit 2017. Deze straf was verbonden aan algemene en bijzondere voorwaarden, waaronder de meldplicht bij de Jeugd- en Gezinsbeschermers.
Uit de negatieve terugmeldingsrapportage bleek dat de veroordeelde zich niet aan zijn meldplicht had gehouden. Ondanks inspanningen van de Jeugdreclasseerder was het slechts enkele maanden mogelijk afspraken te maken. De veroordeelde gaf aan vanwege werk geen contact te kunnen onderhouden en stelde voor terugmelding te accepteren.
De verdediging voerde aan dat de persoonlijke omstandigheden van de veroordeelde aanzienlijk waren verbeterd: hij heeft een eigen bedrijf, wil een nieuwe opleiding starten en heeft geen nieuwe strafbare feiten gepleegd tijdens de proeftijd. Het hof oordeelde dat het tenuitvoerleggen van de voorwaardelijke straf geen doel meer dient en wees de vordering af. Tevens werd de proeftijd niet verlengd omdat deze bijna was verstreken zonder nieuwe overtredingen.
Uitkomst: De vordering tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke jeugddetentie wordt afgewezen en de proeftijd wordt niet verlengd.