ECLI:NL:GHAMS:2019:2768
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot schorsing voorlopige hechtenis wegens invoer grote hoeveelheid heroïne
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis van de verdachte, die wordt verdacht van het invoeren van vijftien kilo heroïne via Schiphol. De rechtbank Noord-Holland had het verzoek reeds afgewezen vanwege ernstige bezwaren.
Het hof onderschrijft de beoordeling van de rechtbank en benadrukt dat het invoeren van verdovende middelen via een internationale luchthaven de rechtsorde schokt. De verdachte speelde een centrale rol, onder meer door het meenemen van een net aangeschafte slijptol en haar functie als degene die Nederlands sprak en las.
Gezien de ernst van het feit en de maatschappelijke onrust die vrijlating zou veroorzaken, oordeelt het hof dat sprake is van een geschokte rechtsorde. Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen omdat geen zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden zijn aangevoerd die een schorsing rechtvaardigen.
Uitkomst: Het hof wijst het beroep en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af wegens ernstige bezwaren en geschokte rechtsorde.