ECLI:NL:GHAMS:2019:2766
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beoordeling hoger beroep tegen voorlopige hechtenis en herstel verzuim
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam waarin een bevel tot voorlopige hechtenis was opgelegd. De raadsman van verdachte stelde dat verdachte ten onrechte niet was gehoord bij de vordering tot gevangenhouding, waardoor de voorlopige hechtenis opgeheven zou moeten worden.
Het hof oordeelde dat dit verzuim was hersteld doordat verdachte alsnog op 8 juli 2019 door de rechtbank is gehoord en bovendien in hoger beroep in de raadkamer gelegenheid heeft gehad om zijn zienswijze naar voren te brengen. Hierdoor was verdachte niet in zijn belangen geschaad.
Het hof wees het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af, mede gelet op de justitiële documentatie en het rapport van de reclassering waarin onvoldoende vertrouwen bestond dat het recidivegevaar verantwoord kan worden ingeperkt.
De beschikking van het hof bevestigt daarmee de voorlopige hechtenis en wijst het hoger beroep en schorsingsverzoek af.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep en het schorsingsverzoek af; de voorlopige hechtenis blijft gehandhaafd.