ECLI:NL:GHAMS:2018:4722

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
17 oktober 2018
Publicatiedatum
21 december 2018
Zaaknummer
13/650262-18
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Raadkamer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing schorsing voorlopige hechtenis wegens recidivegevaar bij gewelddadige overval

In deze zaak heeft het Gerechtshof Amsterdam het hoger beroep behandeld tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam die een bevel tot gevangenhouding van verdachte bevatte. De verdachte werd verdacht van een gewelddadige overval op een supermarkt. Het hof nam kennis van het dossier, waaronder DNA-sporen, camerabeelden en telefonische gegevens die de aanwezigheid van verdachte op de plaats delict ondersteunen.

De raadkamer oordeelde dat er ernstige bezwaren tegen de verdachte bestaan en dat er onvoldoende inzicht is in zijn beweegredenen. Hierdoor is er een reëel gevaar voor recidive. De verdediging verzocht mondeling om schorsing van de voorlopige hechtenis, maar het hof had geen vertrouwen dat de voorgestelde reclasseringsmaatregelen het recidivegevaar voldoende zouden beperken.

Daarom wees het hof zowel het hoger beroep tegen de gevangenhouding als het verzoek tot schorsing af. Deze beslissing werd genomen door de raadkamer van het hof op 17 oktober 2018, waarbij de advocaat-generaal het vonnis ter kennis bracht van de verdachte.

Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af wegens ernstige bezwaren en recidivegevaar.

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM,
MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER
BESCHIKKINGin raadkamer op het hoger beroep in de zaak van
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987,
wonende te [adres],
thans verblijvende in het huis van bewaring Justitieel Complex Zaanstad,
tegen de beschikking van de rechtbank te Amsterdam van 24 september 2018, voor zover houdende bevel tot zijn gevangenhouding.

De feiten en de rechtsgang

Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank te Amsterdam van 27 september 2018, waarbij namens de verdachte de verdachte hoger beroep is ingesteld van voormelde beschikking van die rechtbank. Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsvrouw mr. M.C. van Megen.
Bij de behandeling in raadkamer heeft de raadsvrouw namens de verdachte een mondeling schorsingsverzoek gedaan.

De beoordeling

Het hof verenigt zich met de beschikking waarvan beroep en de gronden waarop deze berust.
Gelet op het aangetroffen DNA, de camerabeelden, de signalementen en de omstandigheid dat de telefoon die de verdachte in ieder geval later in zijn bezit had op het tijdstip van de overval in de omgeving van de plaats delict moet zijn geweest acht het hof, anders dan de raadsvrouw, ernstige bezwaren aanwezig voor het op de vordering inbewaringstelling vermelde feit.
De verdenking betreft een gewelddadige overval op een supermarkt. Het hof acht ernstige bezwaren aanwezig maar heeft geen inzicht in mogelijke beweegredenen van de verdachte. Om die reden houdt het hof ernstig rekening met het gevaar van recidive.
Met betrekking tot het door de verdachte mondeling gedane verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis overweegt het hof dat nu inzicht in de mogelijke beweegredenen ontbreekt het hof er geen vertrouwen in heeft dat de door de reclassering voorgestelde maatregelen het recidivegevaar voldoende zullen inperken.

De beslissing

Het hof:
WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking.
WIJST AF het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.
Deze beschikking is gegeven op 17 oktober 2018 in raadkamer van dit hof door
mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,
mrs. A.M. Kengen en P.H.M. Kuster, raadsheren,
in tegenwoordigheid van S. Grote Ganseij als griffier.
De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.
Amsterdam, 17 oktober 2018,
de advocaat-generaal