ECLI:NL:GHAMS:2018:3392
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging effectenleaseovereenkomsten en waardering geleverde aandelen
In deze zaak stond de vernietiging van effectenleaseovereenkomsten tussen Dexia Nederland B.V. en de geïntimeerde centraal. Het hof bouwde voort op een eerder tussenarrest en beoordeelde de waardering van de geleverde aandelen op de dag van vernietiging, waarbij werd vastgesteld dat de dag van ontvangst van de vernietigingsverklaring bepalend is.
De geïntimeerde stelde de waarde van de aandelen op 27 mei 2003 vast, terwijl Dexia betoogde dat de waardering op 28 mei 2003, de dag van ontvangst van de vernietigingsbrief, moest plaatsvinden. Het hof oordeelde dat de waardering op 28 mei 2003 moet geschieden en stelde de waarde vast op € 4.446,60.
Daarnaast werd geoordeeld dat Dexia een bedrag in mindering mag brengen ter hoogte van de waarde van aandelen bij uitlevering van andere leaseovereenkomsten. Het hof vernietigde het vonnis van de kantonrechter, verklaarde de overeenkomsten rechtsgeldig vernietigd en bepaalde de financiële afwikkeling inclusief wettelijke rente en proceskosten.
De proceskosten in hoger beroep werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Dexia werd veroordeeld in de kosten van het geding in eerste aanleg. Het arrest werd uitgesproken door het gerechtshof Amsterdam op 18 september 2018.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en verklaart de leaseovereenkomsten rechtsgeldig vernietigd met financiële afwikkeling en compensatie van proceskosten.