ECLI:NL:GHAMS:2018:1330
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis dagvaarding bij recidive rijden onder invloed snorfiets
De verdachte werd verdacht van het rijden onder invloed van alcohol op een snorfiets met een ademalcoholgehalte van 780 microgram per liter, wat valt onder schaal V van de toepasselijke richtlijn voor beginnende bestuurders. Volgens deze richtlijn zou bij een eerste recidive een strafbeschikking met geldboete en rijontzegging passend zijn, maar bij meervoudige recidive dagvaarding moeten volgen.
De verdediging stelde dat de verdachte slechts één relevante eerdere veroordeling had en dat het OM onterecht dagvaarding had uitgevaardigd in plaats van een strafbeschikking. Het hof overwoog dat naast de eerdere overtreding van artikel 8 WVW Pro 1994 ook een eerdere veroordeling voor overtreding van artikel 9 WVW Pro 1994 en een strafbeschikking wegens openbare dronkenschap relevant waren. Hierdoor was het gerechtvaardigd dat het OM tot dagvaarding overging.
De advocaat-generaal benadrukte dat de combinatie van eerdere verkeersdelicten en mogelijke alcoholproblematiek de keuze voor dagvaarding rechtvaardigde. Het hof sloot zich hierbij aan en verwierp het verweer tot niet-ontvankelijkheid van het OM. Tevens wees het hof het verzoek af om te bepalen dat een veroordeling niet automatisch tot ongeldigverklaring van het rijbewijs leidt.
Het arrest werd uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 18 april 2018 en bevestigt het vonnis van de politierechter van 1 februari 2017.
Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis en oordeelt dat het OM terecht heeft gekozen voor dagvaarding in plaats van strafbeschikking.