ECLI:NL:GHAMS:2016:5382
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen schade door beroepsfout advocaat wegens ontbreken causaal verband
In deze civiele zaak stond centraal of de beroepsfout van een advocaat, die het griffierecht niet tijdig betaalde waardoor het hoger beroep werd geschorst, leidde tot schade voor zijn cliënt.
De rechtbank had vastgesteld dat de advocaat een beroepsfout beging, maar dat er geen causaal verband was tussen deze fout en de door de cliënt gestelde schade. De cliënt had namelijk onvoldoende aannemelijk gemaakt dat het hoger beroep, indien wel inhoudelijk behandeld, tot een gunstiger resultaat had geleid.
Het geschil betrof een huurovereenkomst van een auto die niet werd geretourneerd, waarbij de huurder tekort was geschoten. De huurder voerde overmacht aan wegens diefstal na een inbraak, maar kon dit niet overtuigend bewijzen.
Het hof oordeelde dat de huurder onvoldoende feiten en omstandigheden had gesteld om aannemelijk te maken dat het hoger beroep kansrijk was geweest. Daardoor kon geen schade worden toegerekend aan de beroepsfout van de advocaat.
De grieven van de appellant werden verworpen en het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd, met een kostenveroordeling ten laste van de appellant.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de advocaat een beroepsfout maakte, maar dat daardoor geen schade is veroorzaakt omdat het hoger beroep kansloos was.