ECLI:NL:GHAMS:2016:4943
Gerechtshof Amsterdam
- Rekestprocedure
- M.J.G.B. Heutink
- J.L. Bruinsma
- J.H. Wesselink
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek schadevergoeding wegens geen vrijheidsbeneming
Verzoekster diende een verzoek in op grond van artikel 89 van Pro het Wetboek van Strafvordering tot vergoeding van schade die zij stelde te hebben geleden door haar aanhouding en verblijf op het politiebureau. Zij specificeerde onder meer een dag verblijf op het politiebureau en kosten in verband met een aansprakelijkheidsprocedure.
Het hof nam kennis van de stukken en hoorde de advocaat-generaal en de advocaat van verzoekster. Verzoekster zelf was niet aanwezig. De advocaat betoogde dat de schade niet onder artikel 591a Sv viel, maar wel onder artikel 89 Sv Pro. De advocaat-generaal adviseerde het verzoek af te wijzen.
Het hof stelde vast dat de strafzaak was geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en dat verzoekster slechts kort was aangehouden en daarna heengezonden. Er was geen sprake van verzekering, klinische observatie, voorlopige hechtenis of andere vrijheidsbeneming zoals bedoeld in artikel 89 Sv Pro.
Daarom verklaarde het hof verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek tot vergoeding van schade, omdat de gevorderde schade niet het gevolg was van een vrijheidsbeneming binnen de reikwijdte van artikel 89 Sv Pro.
Uitkomst: Verzoekster wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek om schadevergoeding wegens het ontbreken van vrijheidsbeneming.