ECLI:NL:GHAMS:2016:4827
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep en schorsingsverzoek voorlopige hechtenis wegens ernstig feit
Het gerechtshof Amsterdam heeft het hoger beroep behandeld tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam van 21 maart 2016, waarin een bevel tot gevangenhouding van verdachte werd uitgesproken. Het hof heeft kennisgenomen van het dossier en de stukken betreffende de voorlopige hechtenis en heeft zowel de advocaat-generaal als de verdachte gehoord.
Op basis van de aangifte en verklaringen van drie getuigen oordeelt het hof dat er voldoende ernstige bezwaren zijn tegen verdachte voor het feit waarvoor inbewaringstelling is gevorderd. Het verzoek van verdachte tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen omdat sprake is van een zeer ernstig feit en een geschokte rechtsorde, waarbij slechts bij zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden schorsing mogelijk is, welke niet zijn gebleken.
Daarnaast overweegt het hof dat de toepassing van het jeugdrecht een oordeel is dat aan de zittingsrechter is voorbehouden en daarom niet in deze raadkamerbeschikking kan worden beoordeeld. Het hof bevestigt de bestreden beschikking en wijst het beroep en het schorsingsverzoek af.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af.