ECLI:NL:GHAMS:2016:4496
Gerechtshof Amsterdam
- Rekestprocedure
- J.L. Bruinsma
- N.A. Schimmel
- H.W.J. de Groot
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schadevergoeding na voorlopige hechtenis wegens diefstal met geweld
Verzoeker was op 1 oktober 2015 in verzekering gesteld op verdenking van diefstal met geweld in vereniging en op 2 oktober 2015 weer in vrijheid gesteld. De strafzaak eindigde zonder strafoplegging en het arrest werd onherroepelijk.
Verzoeker vroeg een schadevergoeding van €105,- wegens de geleden schade door de voorlopige hechtenis. Het hof heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 89 en Pro 90 Sv en de jurisprudentie van de Hoge Raad, die stelt dat bij het billijkheidsoordeel wordt meegewogen in hoeverre de verdachte de voorlopige hechtenis aan zijn eigen houding te wijten heeft.
Uit het dossier bleek dat verzoeker onder bedreiging de telefoon van een aangever had afgepakt, wat werd ondersteund door getuigenverklaringen. Het hof oordeelde dat de verdenking door het gedrag van verzoeker zelf was veroorzaakt, waardoor geen billijkheidsggrond bestond voor schadevergoeding.
Daarom wees het hof het verzoek tot schadevergoeding af en beval onverwijlde betekening van de beschikking aan verzoeker.
Uitkomst: Het verzoek tot schadevergoeding wegens voorlopige hechtenis wordt afgewezen omdat de verdenking aan het gedrag van verzoeker te wijten is.