Uitspraak
ATRADIUS CREDIT INSURANCE N.V.,
[X] BETON B.V.,
[X] BETON B.V.,
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele procedure stond de vraag centraal of de advocaatkosten die [X] Beton B.V. maakte onder haar kredietverzekering bij Atradius Credit Insurance N.V. verzekerd zijn. Het geschil betrof zowel de inning van een vordering op Züblin als de kosten in het dekkingsgeschil met Atradius zelf.
Het hof bevestigde in een eerder tussenarrest dat Atradius ten onrechte dekking had geweigerd, waardoor [X] zelf voor inning moest zorgen. De advocaatkosten die betrekking hebben op het incasseren van de verzekerde vordering zijn in beginsel verzekerd. Echter, de kosten die zien op het geschil over de dekking zelf zijn uitgesloten van vergoeding.
[Atradius] voerde aan dat de door [X] opgevoerde kosten niet gespecificeerd waren en deels betrekking hadden op het dekkingsgeschil, wat niet verzekerd is. Het hof stelde vast dat [X] onvoldoende inzicht had gegeven in welke kosten betrekking hadden op welk geschil en dat de gevorderde kosten niet waren gespecificeerd. Hierdoor wees het hof de gevorderde vergoeding af.
In de zaak tussen Züblin en [X] werd het vonnis bekrachtigd en Züblin veroordeeld tot betaling van € 15.000 aan [X]. De proceskostenveroordelingen werden grotendeels bevestigd, waarbij partijen in verschillende onderdelen in het ongelijk werden gesteld. De proceskosten van het voegingsincident werden gecompenseerd.
Het arrest werd gewezen door het Gerechtshof Amsterdam op 1 november 2016 en bevestigt de strikte toepassing van polisvoorwaarden en het belang van specificatie van kosten voor vergoeding onder een kredietverzekering.
Uitkomst: De gevorderde advocaatkosten worden afgewezen wegens onvoldoende specificatie en uitsluiting van kosten in het dekkingsgeschil.