ECLI:NL:GHAMS:2016:3306
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging veroordeling voor bezit hennepplanten ondanks betwisting bewijs
In deze zaak stond de verdachte terecht voor het bezit van hennepplanten. De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld, waarna hoger beroep werd ingesteld. Tijdens het hoger beroep betoogde de raadsman dat niet was vastgesteld dat het daadwerkelijk om hennep ging, mede omdat een onderzoeksrapport ontbrak. Tevens werd aangevoerd dat de vrijspraak voor diefstal van elektriciteit ook zou moeten leiden tot vrijspraak voor het telen van hennep.
Het hof oordeelde dat de verbalisanten, op grond van hun opleiding, ervaring en eerdere ontmantelingen, terecht hadden vastgesteld dat het om hennepplanten ging. Dit oordeel werd ondersteund door de verklaring van de verdachte zelf, die de planten in zijn taal aanduidde als "hashash". Het verweer van de raadsman werd daarom verworpen.
Verder wees het hof het verband tussen de vrijspraak voor diefstal van elektriciteit en de tenlastelegging van hennep af, stellende dat hiervoor geen juridische grondslag bestaat. Het hof bevestigde het vonnis van de politierechter en sprak de verdachte vrij van het tweede tenlastegelegde feit.
Uitkomst: Het hof bevestigt de veroordeling voor bezit van hennepplanten en spreekt verdachte vrij van diefstal van elektriciteit.