ECLI:NL:GHAMS:2016:2700
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot opheffing en schorsing voorlopige hechtenis verdachte
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen de beslissing van de rechtbank Amsterdam die het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis van verdachte afwees. De verdachte verbleef reeds in voorlopige hechtenis voor andere feiten. De advocaat-generaal en de raadsvrouw van verdachte werden gehoord.
Het hof oordeelde dat het standpunt van de raadsvrouw, dat gevangenneming niet kan worden bevolen indien verdachte reeds in voorlopige hechtenis is voor andere feiten, berust op een onjuiste interpretatie van artikel 65 Sv Pro. Het hof achtte op basis van het dossier voldoende ernstige bezwaren aanwezig voor de feiten waarvoor de voorlopige hechtenis is bevolen.
Daarnaast is er geen concrete plan van aanpak en wordt op korte termijn het rapport van het Pieter Baan Centrum verwacht, waardoor schorsing van de voorlopige hechtenis niet aan de orde is. Het hof wees daarom zowel het beroep tegen de bestreden beslissing als het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af.