Uitspraak
mr. P.A. de Lange, kantoorhoudende te Barendrecht,
mr. J.G.D. Fleers, kantoorhoudende te Utrecht,
1.Het verloop van het geding
- verzoekster met [A] ;
- verweersters met Flextra c.s.
Gerechtshof Amsterdam
Verzoekster, een besloten vennootschap, heeft bij de Ondernemingskamer een verzoek ingediend tot onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van meerdere Flextra-vennootschappen, met het verzoek tot schorsing van bestuurders en benoeming van een derde bestuurder. Na indiening van het verzoek is verzoekster failliet verklaard. Verweersters 1 tot en met 9 hebben daarop ontslag van instantie gevraagd.
De Ondernemingskamer overweegt dat vorderingen jegens verzoekster die zijn ontstaan vóór faillissement slechts via verificatie in het faillissement kunnen worden vastgesteld en dat het enquêterecht niet bedoeld is voor het beslechten van vermogensrechtelijke geschillen. Ook is verrekening van proceskosten met vorderingen binnen het faillissement niet mogelijk.
Gelet op het belang van verweersters 1 tot en met 9 om verdere onverhaalbare kosten te voorkomen en het ontbreken van voldoende zekerheid van verzoekster, wordt het verzoek tot voortzetting van de procedure tegen deze vennootschappen afgewezen en wordt ontslag van instantie verleend. Verzoekster wordt in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over voortzetting van de procedure tegen verweersters 10 en 11.
Uitkomst: Verweersters 1 tot en met 9 worden ontslagen van instantie wegens faillissement verzoekster; verzoekster kan zich uitlaten over voortzetting tegen verweersters 10 en 11.