Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil in hoger beroep
4.Beoordeling van het geschil
samengevat– aan dat de taxateur van een onjuiste maatvoering (m3) is uitgegaan omdat de bouwtekening geen hoogtematen vermeldt, dat de woning in werkelijkheid kleiner is dan in het rapport, waarin de staat van kwaliteit, onderhoud en voorzieningen ten onrechte als matig is aangemerkt, en dat de staat van de kelder ten onrechte als voldoende is aangemerkt. Verder stelt belanghebbende dat het genot van de woning is verminderd door het ontbreken van riool, aardgas en kabel, en dat hiermee onvoldoende rekening is gehouden. Voorts stelt belanghebbende dat de ligging van de onroerende zaak niet vergelijkbaar is met de ligging van de referentieobjecten, en dat aan zowel de woning als het perceel diverse opgelegde beperkingen kleven. Tot slot stelt belanghebbende dat de aan grond bij de woning toegekende waarde te hoog is. In het bijzonder benoemt belanghebbende daarbij de oprijlaan van 394 m2, waaraan een te hoge waarde toegekend is.
5.Kosten
6.Beslissing
- vernietigt de uitspraak van de rechtbank, behoudens het oordeel omtrent de proceskostenvergoeding en het griffierecht;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vermindert de WOZ waarde van de onroerende zaak voor het jaar 2012 tot het bedrag van € 700.000;
- vermindert de aanslag onroerende zaakbelasting dienovereenkomstig;
- gelast de heffingsambtenaar het door belanghebbende betaalde griffierecht ad € 118 te vergoeden.