ECLI:NL:GHAMS:2015:3703
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- J.A. van Horzen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling activering uitkoopsom goodwill bij uittreding vennoot uit maatschap
Belanghebbende, een vennoot in een maatschap, betwistte de fiscale behandeling van de uitkoopsom betaald aan een uittredende vennoot. De uitkoopsom omvatte onder meer goodwill. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, het Gerechtshof Den Haag verklaarde het hoger beroep gegrond, maar de Hoge Raad vernietigde dit en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam.
Het Hof oordeelde dat de betaling aan de uittredende vennoot een vergoeding betrof voor wijziging in de winstverdeling en niet noodzakelijk was om de onderneming te vrijwaren tegen verliezen. Daarom moet het bedrag geactiveerd worden en jaarlijks worden afgeschreven, en mag het niet ineens in aftrek worden gebracht.
Er was geen aanwijzing dat de bedrijfswaarde lager was dan het betaalde bedrag, zodat ook geen afwaardering gerechtvaardigd was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
De zaak betreft de fiscale kwalificatie van uitkoopbetalingen binnen een maatschap en de toepassing van jurisprudentie van de Hoge Raad op dit punt.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd dat de uitkoopsom geactiveerd moet worden.