Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het beklag
[beklaagde](verder te noemen: beklaagde), wonende te Amsterdam, ter zake van mishandeling en bedreiging.
Gerechtshof Amsterdam
Klager deed aangifte van mishandeling en bedreiging door zijn buurman, waarbij sprake was van een woordenwisseling, duwen, bedreigingen met een krik en een klap op de kin zonder letsel.
De officier van justitie stelde een voorwaardelijk sepot in, waarbij beklaagde niet vervolgd zou worden als hij binnen een proeftijd geen nieuwe strafbare feiten pleegde. Klager ontving een onduidelijke brief over de afdoening, wat leidde tot het beklag bij het hof.
Het hof beoordeelde dat er een gerede kans op veroordeling was, maar dat het maatschappelijk belang voor strafvervolging onvoldoende was gezien de burenrelatie en het ontbreken van letsel. Het hof vond het voorwaardelijk sepot billijk en wees het beklag af.
Uitkomst: Het beklag tegen het voorwaardelijk sepot wordt afgewezen en de beslissing van het Openbaar Ministerie blijft gehandhaafd.