Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.Tenlastelegging
3.Vonnis waarvan beroep
4.Bewijs
touch for health(strijken) en stralingskorrels. [39]
Wel is artikel 96 van Pro de Wet BIG op [verdachte] van toepassing, op basis waarvan een hulpverlener strafwaardig handelt indien hij of zij bij het verrichten van handelingen op het gebied van de individuele gezondheidszorg buiten noodzaak schade of een aanmerkelijke kans op schade aan de gezondheid van een ander veroorzaakt. Indien de hulpverlener wist of ernstige reden had om te vermoeden dat hij of zij schade zou veroorzaken, begaat de hulpverlener ingevolge het tweede lid van deze bepaling een misdrijf.
de audituvan hetgeen [slachtoffer] over de rol van [verdachte] heeft gezegd, kunnen bijdragen aan het bewijs.Herbert
’de-auditu’-verklaringen, zodat bij gebreke van overige bewijsmiddelen, niet onomstotelijk is komen vast te staan dat [verdachte] haar adviezen en bijstand tevens heeft bedoeld te richten op de oorzaak van de borstwond van [slachtoffer]. Daarbij komt dat niet is uitgesloten dat [slachtoffer] de van [verdachte] ontvangen adviezen en bijstand zelf heeft betrokken op haar borstwond, gelet op haar inmiddels gegroeide afkeer van de reguliere medische wetenschap
.
Dat voor [verdachte] hierin een belangrijke rol was weggelegd volgt uit het feit dat [slachtoffer] volledig meeging in het gedachtegoed van [verdachte] en hetgeen [verdachte] haar daaromtrent mededeelde. Zij baseerde de door haar gemaakte keuzes gedurende haar ziekteproces in overwegende mate op de mededelingen van [verdachte] en op die van [medeverdachte]. Naar het oordeel van het hof is de afkeer van [slachtoffer] van de reguliere zorg door toedoen van [verdachte] zonder twijfel verergerd. In dit verband wijst het hof op de kracht van de overtuiging van [verdachte] van de noodzaak van een stralingsvrije omgeving. In haar schriftelijke beantwoording van vragen van de officier van justitie geeft zij te kennen dat de ervaring heeft geleerd dat het hele ziekenhuis gebeuren bij deze kwetsbare patiënten resulteert in explosieve toename van kankercellen in diverse organen. [slachtoffer] heeft in haar laatste levensjaren een zodanig sterke angst voor straling ontwikkeld dat zij, blijkens de verklaring van de oncoloog Grootscholten tegenover de rechter-commissaris afgelegd op 14 januari 2013, enkele dagen voor haar overlijden nog bang was voor de aanwezigheid van mobiele telefoons in verband met het gevaar van kanker door straling. Naar het oordeel van het hof is het dan ook in aanzienlijke mate waarschijnlijk te achten dat [slachtoffer] tot andere keuzes was gekomen, indien [verdachte] had voldaan aan de op [verdachte] jegens haar rustende zorgplicht, zeker wanneer [verdachte] hierin samenwerking had gezocht met de echtgenoot en kinderen van [slachtoffer] en met haar huisarts.
5.Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
6.Strafbaarheid van de verdachte
7.Oplegging van straf
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) maanden.
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.