ECLI:NL:GHAMS:2012:BY0205
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake dekking brandverzekering bij bestemmingswijziging en risicoverzwaring
De zaak betreft een hoger beroep van V.O.F. De Oude Werf tegen Turien c.s. over de uitkering van een brandverzekering na brand in een pand te Zaandam. De brand ontstond na een inbraak en brandstichting in een pand dat was verzekerd als stand- en decorbouwbedrijf, maar feitelijk werd gebruikt voor opslag van speelgoed en later machines.
De rechtbank had geoordeeld dat sprake was van een bestemmingswijziging die het brandrisico verhoogde, waardoor de verzekeraar op grond van artikel 293 K (oud) en de polisvoorwaarden niet tot uitkering gehouden was. De Oude Werf voerde onder meer aan dat de verzekeringsovereenkomst in 2008 nieuw was gesloten en dat het proportionaliteitsbeginsel van artikel 7:930 BW Pro analoog toegepast moest worden.
Het hof oordeelde dat de verzekeringsovereenkomst uit 2005 doorliep en dat artikel 293 K (oud) van toepassing bleef. De bestemmingswijziging was duidelijk en leidde tot een verhoogd brandrisico door verminderde aanwezigheid van mensen en onvoldoende beveiliging. Turien was niet op de hoogte van de wijziging, maar dit kon De Oude Werf niet aan haar tegenwerpen. Het proportionaliteitsbeginsel is niet van toepassing onder het oude recht. De vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen.
Ten aanzien van de opruimingskosten is de beslissing aangehouden omdat onduidelijk is of Turien opdracht tot verwijdering van de restanten en fundering heeft gegeven. Partijen krijgen gelegenheid dit nader toe te lichten.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot uitkering onder de brandverzekering af wegens bestemmingswijziging en verhoogd brandrisico, met aanhouding over opruimingskosten.