ECLI:NL:GHAMS:2012:BW4129
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen aansprakelijkheid boedelnotarissen voor nalatenschaponderzoek Luxemburgse bankrekeningen
In deze zaak vordert appellant in hoger beroep dat het hof oordeelt dat de boedelnotarissen toerekenbaar tekortgeschoten zijn in hun werkzaamheden rondom de nalatenschap van erflater, met name in het onderzoek naar Luxemburgse bankrekeningen. Appellant stelt dat de notarissen onvoldoende voortvarend hebben gehandeld en onzorgvuldig waren in hun communicatie met de Luxemburgse banken.
Het hof stelt vast dat de notarissen pas na instructie van de erfgenamen onderzoek mochten doen naar de bankrekeningen en dat zij dit onderzoek met voldoende voortvarendheid hebben uitgevoerd. De communicatie met de Luxemburgse Bankiersvereniging en de banken verliep conform de gangbare procedures, waarbij vertragingen mede veroorzaakt werden door derden. Appellant heeft onvoldoende feiten gesteld om te bewijzen dat de notarissen eerder op de hoogte waren van de bankrekeningen of nalatig zijn geweest.
Daarnaast zijn de overige klachten over de boedelnotarissen onvoldoende concreet en onderbouwd, waardoor het hof deze niet in behandeling neemt. Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank Amsterdam en veroordeelt appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank Amsterdam.