ECLI:NL:GHAMS:2011:BR1730
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding na onrechtmatige rijontzegging en inbeslagname auto
Appellant vordert schadevergoeding van de Staat wegens onzorgvuldig handelen van het CJIB en andere instanties, dat zou hebben geleid tot onterechte aanhoudingen, een onterechte registratie van zijn rijbewijs als ingenomen, en de inbeslagname en verkoop van zijn auto. Hij stelt dat dit heeft geleid tot baanverlies, gemiste branchekampioenschappen en uiteindelijk faillissement.
De rechtbank wees de vordering af en het hof bevestigt dit oordeel. Het hof stelt vast dat het causale verband tussen de onterechte registratie van het rijbewijs en de opgelegde rijontzegging ontbreekt, omdat deze ontzegging voortvloeide uit de weigering van appellant mee te werken aan een ademanalyse. Ook is onvoldoende onderbouwd dat de Staat aansprakelijk is voor het handelen van de RDW.
Voorts is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat appellant daadwerkelijk schade heeft geleden die niet reeds door de Staat is vergoed, waaronder een schadevergoeding van €9.000,-- voor de verkoop van de inbeslaggenomen auto. Daarnaast faalt appellant in het aantonen van schade door vervangende hechtenis en baanverlies. Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt appellant in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot schadevergoeding af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.