ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ9848
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.P.M. van Rijn
- J.P.A. Boersma
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging legesheffing voor tijdelijke vrijstelling bestemmingsplan voor dienstverlening
Belanghebbende huurt een pand met de bestemming woondoeleinden, waarvoor zij een tijdelijke vrijstelling heeft aangevraagd om een dienstverlenende functie te mogen uitoefenen. De gemeente bracht hiervoor leges in rekening, wat door belanghebbende werd aangevochten.
De rechtbank oordeelde dat de leges terecht geheven zijn omdat het in behandeling nemen van de aanvraag een dienst betreft die in overheersende mate het individuele belang van belanghebbende dient, zoals bedoeld in artikel 229 van Pro de Gemeentewet. De stelling dat sprake zou zijn van een fout in het bestemmingsplan werd niet aannemelijk geacht.
In hoger beroep bevestigt het Hof dit oordeel. Het arrest van de Hoge Raad en eerdere jurisprudentie ondersteunen dat leges mogen worden geheven voor diensten die buiten de publieke taak vallen en gericht zijn op individuele belangen. De bezwaarprocedure en de duur daarvan zijn niet relevant voor de legesheffing.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de leges van €191,29 zijn terecht geheven.