ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ7220
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.M. Vrouwenvelder
- B.A. van Brummelen
- C.W. Wolters
- Rechtspraak.nl
Bevestiging tariefindeling brokstukken molybdeen als ruw molybdeen onder post 8102 94 00 GN
In hoger beroep stond de tariefindeling van brokstukken molybdeen centraal. Belanghebbende had zeven aangiften gedaan met de omschrijving 'resten en afvallen van molybdeen' en wilde indeling onder post 8102 97 00 GN, terwijl de inspecteur en het hof de goederen als ruw molybdeen onder post 8102 94 00 classificeerden.
De goederen bestonden uit brokstukken van molybdeenstaven die door sinteren waren verkregen. Hoewel circa 80% van het gesinterde molybdeen ongeschikt was voor verdere bewerking, werden deze brokstukken gebruikt voor de productie van staallegeringen. Het hof volgde vaste jurisprudentie van het HvJ EG dat dergelijke staven en brokstukken als ruw molybdeen moeten worden beschouwd, ongeacht de kwaliteit of het beoogde gebruik.
Belanghebbende stelde dat de rechten van verdediging waren geschonden omdat zij geen gelegenheid had gehad te reageren op de verificatieresultaten. Het hof oordeelde dat de verificatieprocedure voldoende mogelijkheden bood voor reactie en dat belanghebbende hiervan geen gebruik had gemaakt. Bovendien was er geen sprake van benadeling. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de tariefindeling als ruw molybdeen onder post 8102 94 00 GN bevestigd.