ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ2547
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling wegens tekortkomingen appellanten
Appellanten zijn toegelaten tot de schuldsaneringsregeling maar hebben volgens de rechtbank hun verplichtingen niet nagekomen. De bewindvoerder stelde dat appellanten onvoldoende informatie verstrekten over hun financiële situatie, waaronder een spaarverzekering en de verkoop van grond in Turkije, en onvoldoende solliciteerden. Tevens ontstonden nieuwe schulden die niet werden afgelost.
Appellanten voerden aan dat zij door taalachterstanden en gezondheidsproblemen niet volledig aan hun verplichtingen konden voldoen en dat zij schuldeisers niet benadeeld hadden. Het hof oordeelde echter dat appellanten verantwoordelijk zijn voor de naleving van de regeling, ook ondanks taalproblemen, en dat de bewindvoerder geen tekortkoming vertoonde.
Het hof concludeerde dat appellanten tekortgeschoten zijn in hun medewerking en dat dit een tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling rechtvaardigt. Een verlenging van de regeling werd afgewezen vanwege de ernst van de tekortkomingen. De beslissing van de rechtbank wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens tekortkomingen van appellanten.