ECLI:NL:GHAMS:2011:BP4440
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt navordering wegens nieuw feit bij film-CV’s ondanks betwisting algemene beginselen
Belanghebbende, commanditair vennoot in [D] CV 9, maakte verlies van €7.601 in 2001 op zijn aangifte inkomstenbelasting. De inspecteur legde een navorderingsaanslag op, waarbij dit verlies werd gecorrigeerd, omdat bleek dat de CV’s geen onderneming dreven maar kasrondes uitvoerden waarbij gelden werden rondgepompt.
De CV’s waren opgericht om films te produceren en exploiteren, met [C] BV als beherend vennoot en [F] als financier en exploitant. Uit onderzoek bleek dat de films niet door de CV’s zelf werden voortgebracht maar bij Amerikaanse productiemaatschappijen werden besteld, en dat exploitatierechten direct aan derden werden verleend. De inspecteur ontdekte dit pas in 2004 na ontvangst van ‘license agreements’ en een bekentenis van betrokkenen.
Belanghebbende voerde aan dat er geen nieuw feit was, dat de navordering in strijd was met algemene beginselen van behoorlijk bestuur, en dat de inspecteur ambtelijk verzuimd had door niet eerder te onderzoeken. Het Hof oordeelde dat het kasrondje een nieuw feit is dat navordering rechtvaardigt, dat de inspecteur niet eerder redelijkerwijs van dit feit op de hoogte kon zijn, en dat het beroep op algemene beginselen faalt.
Het Hof vernietigde het vonnis van de rechtbank dat de navordering ongegrond verklaarde en verklaarde het beroep ongegrond. De navorderingsaanslag blijft in stand, waarbij de inspecteur voldoende onderzoek en communicatie heeft verricht en belanghebbende niet in haar procespositie is geschaad.
Uitkomst: Het Gerechtshof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de navorderingsaanslag wegens het nieuw feit van kasrondjes bij de film-CV’s.