ECLI:NL:GHAMS:2010:BO6911
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over uitbetaling rente bij verdeling depotbedrag na echtscheiding
Klager en zijn ex-echtgenote hadden bij mediation en het opstellen van een convenant niet gesproken over de verdeling van de rente die was opgebouwd over een depotbedrag dat de notaris beheerde na verkoop van hun voormalige woning.
Klager gaf aan dat alleen het hoofdbedrag aan zijn ex-echtgenote moest worden uitgekeerd en het restant inclusief rente geheel aan hem, maar de notaris handelde conform de depotovereenkomst waarin was bepaald dat rente naar rato van het depotbedrag aan beide partijen moest worden uitgekeerd.
De notaris ontving geen expliciete instructie om hiervan af te wijken en klager en zijn ex-echtgenote hadden geen nieuwe depotovereenkomst gesloten. Het hof oordeelde dat de notaris juist heeft gehandeld en verwierp het beroep van klager.
De klacht tegen de notaris werd door de Kamer van Toezicht ongegrond verklaard en het hof bevestigde deze beslissing. De notaris hoefde de rente niet volledig aan klager uit te keren, maar moest deze naar rato verdelen.
Uitkomst: Het hof verwierp het beroep en oordeelde dat de notaris de rente terecht naar rato had uitgekeerd.