ECLI:NL:GHAMS:2010:BM4542
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Schorsing notaris wegens overtreding artikel 29 lid 3 Wet op het Notarisambt door langdurige waarneming zonder ontheffing
De notaris verzocht om ontheffing van artikel 29 lid 3 van Pro de Wet op het Notarisambt (Wna) om gedurende drie jaar zijn praktijk vanuit New York uit te oefenen. Dit verzoek werd afgewezen door de kamer van toezicht. Desondanks liet de notaris zich waarnemen door een kantoorgenoot in drie opeenvolgende periodes van telkens ongeveer een jaar, zonder ontheffing.
De notaris verdedigde zich met de stelling dat de wet zo geïnterpreteerd moest worden dat meerdere waarnemingen van elk maximaal één jaar achtereenvolgens mogelijk waren zonder ontheffing. Hij voerde tevens aan dat hij zijn notariële werkzaamheden bleef uitoefenen en de kwaliteit van de dienstverlening niet in gevaar bracht.
Het hof verwierp deze argumenten, stelde vast dat de notaris de beslissing van de kamer van toezicht heeft genegeerd en dat de wet niet voorziet in langdurige waarneming buiten Nederland. Het handelen van de notaris werd als tuchtrechtelijk verwijtbaar beoordeeld, omdat hij het verbod van artikel 29 lid 3 Wna Pro heeft overtreden en daarmee het notariaat uitholt.
Het hof bevestigde de door de kamer opgelegde maatregel van schorsing voor de duur van één maand. De notaris is inmiddels gedefungeerd, maar dit veranderde niets aan het oordeel.
Uitkomst: De schorsing van de notaris voor de duur van één maand wegens overtreding van artikel 29 lid 3 Wna wordt bekrachtigd.