ECLI:NL:GHAMS:2009:BK2832
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- H.L.L. Neervoort-Briët
- A.L. Diender
- J.E. Doek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering toestemming verhuizing kind naar Singapore in belang van het kind
De moeder verzocht om toestemming om zich samen met haar kind in Singapore te vestigen, maar de vader weigerde deze toestemming. Het geschil betrof de gezamenlijke uitoefening van het ouderlijk gezag en de vraag welk belang zwaarder weegt: het belang van de moeder om te emigreren of het belang van het kind en de vader bij contact.
Het hof overwoog dat het belang van het kind voorop staat, maar dat ook andere belangen kunnen meewegen. De moeder stelde dat haar onderneming in Singapore betere groeimogelijkheden bood, maar het hof vond dit onvoldoende aannemelijk en oordeelde dat de moeder haar onderneming grotendeels op afstand kan uitvoeren. De vader stelde dat het contact met het kind door emigratie onacceptabel zou verminderen en dat de voorgestelde omgangsregeling onvoldoende compensatie bood.
Het hof stelde vast dat het huidige contact intensief is en dat emigratie het contact te veel zou beperken. Ook achtte het hof de voorgestelde omgangsregeling niet uitvoerbaar vanwege communicatieproblemen tussen ouders. De moeder stelde dat de vader eerder had ingestemd met emigratie, maar het hof vond dat hij die instemming had ingetrokken.
Gelet op het belang van het kind bij goed contact met beide ouders, de jonge leeftijd en hechtingsfase, woog dit zwaarder dan het belang van de moeder bij emigratie. Het belang van de grootmoeder in Singapore speelde geen doorslaggevende rol. Het hof bekrachtigde daarom de eerdere beschikking waarin het verzoek van de moeder werd afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigde de weigering van toestemming voor verhuizing van het kind naar Singapore.