ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ3769
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.A.J.S. de Vries Robbé-de Roy van Zuydewijn
- M.F.J.N. van Osch
- B.F. Keulen
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap na overlijden kort na echtscheiding met levensverzekering en smartengeld
De zaak betreft de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap van een man die kort na de echtscheiding overleed, voordat de gemeenschap was verdeeld. De vrouw was begunstigde van een levensverzekering waarop zij bij overlijden van de man aanspraak maakte. Het hof oordeelde dat de contante waarde van de polis op de peildatum wel tot de ontbonden gemeenschap behoort, maar de uitkering zelf toekomt aan de vrouw.
De rechtbank had eerder bepaald dat de uitkering volledig aan de vrouw toekomt zonder verrekening, maar het hof vernietigde dit voor zover het bedrag €11.750 bedroeg en corrigeerde dit naar €11.550. Daarnaast werd bevestigd dat een smartengelduitkering aan de vrouw verknocht is en niet tot de gemeenschap behoort. Omdat de vrouw met deze uitkering gemeenschapsschulden heeft betaald, heeft zij een vordering op de gemeenschap.
Verder werd vastgesteld dat van de bank- en girorekeningen de saldi per 17 februari 2006 bij helfte moeten worden verrekend. De overige onderdelen van de beschikking van de rechtbank werden bekrachtigd. De proceskosten in hoger beroep werden gecompenseerd vanwege het familierechtelijke karakter van de procedure.
Uitkomst: Het hof vernietigt deels de beschikking over de verdeling van de levensverzekering en bankrekeningen en bevestigt de verknochtheid van de smartengelduitkering met een vordering van de vrouw op de gemeenschap.