ECLI:NL:GHAMS:2009:BI2093
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- P.G. Wiewel
- L.C. Heuveling van Beek
- G.C. Makkink
- Rechtspraak.nl
Uitleg vut-reglement en autokostenregeling in relatie tot NAR-uitkering en jubileumgratificatie
De zaak betreft een hoger beroep van UWV tegen een vonnis van de kantonrechter over de toepassing van de oorspronkelijke autokostenregeling binnen de grondslag van de NAR-uitkering en de toekenning van een jubileumgratificatie aan [X]. [X] vorderde betaling van schadevergoeding wegens het niet toepassen van de oorspronkelijke autokostenregeling, een maandelijkse vergoeding vanaf november 2003 en een jubileumgratificatie.
Het hof stelt vast dat het netto resultaat van de autokostenregeling afhankelijk is van persoonlijke keuzes van de werknemer en daarom geen vast loonbestanddeel vormt dat meegenomen kan worden in de uitkeringsgrondslag van de VUT- of NAR-regeling. Desondanks oordeelt het hof dat op grond van een individuele afspraak in een brief van 4 december 1997 het netto resultaat wel betrokken moet worden bij de vaststelling van de NAR-uitkering over de periode van 1 juli 1998 tot 1 februari 2002.
De vordering van [X] over de periode van het prepensioen (vanaf 1 februari 2002) wordt afgewezen wegens strijd met de goede procesorde en onvoldoende onderbouwing. Ook de vordering tot betaling van een jubileumgratificatie wordt toegewezen, waarbij het hof onderscheid maakt tussen jubileum- en afscheidsgratificatie en bepaalt dat alleen de jubileumgratificatie zonder wettelijke inhoudingen toekomt.
Het hof houdt verdere beslissing aan en verwijst partijen naar een rolzitting voor nadere aktewisseling over de omvang van de verschuldigde bedragen.
Uitkomst: Het netto resultaat van de autokostenregeling wordt niet als vast loonbestanddeel beschouwd, maar op grond van een individuele afspraak moet het worden betrokken bij de NAR-uitkering over 1 juli 1998 tot 1 februari 2002; de jubileumgratificatie wordt toegewezen.