ECLI:NL:GHAMS:2009:BH3918
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A. Bijlsma
- F.H.M. Possen
- M.J. Hamer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over bewijsvereisten reisaftrek openbaar vervoer in inkomstenbelasting
Belanghebbende had voor het jaar 2004 reisaftrek openbaar vervoer geclaimd op basis van een door de werkgever ondertekende reisverklaring en kopieën van giro-afschriften waaruit betalingen aan de NS konden worden afgeleid. De inspecteur weigerde deze aftrek toe te kennen omdat geen originele plaatsbewijzen konden worden overlegd.
De rechtbank had het beroep van belanghebbende gegrond verklaard en de aanslag verminderd, stellende dat de reisverklaring en de giro-afschriften voldoende bewijs vormden. Het Hof stelt zich echter op het standpunt dat de plaatsbewijzen een essentieel onderdeel van het bewijs vormen en dat noch de wet, noch de uitvoeringsregeling of de wetsgeschiedenis ruimte bieden voor alternatieve bewijslevering zonder plaatsbewijzen.
Het Hof vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond. Hierdoor wordt de aanslag in stand gelaten en wordt de reisaftrek niet toegekend. Er worden geen proceskosten aan partijen opgelegd.
Uitkomst: Het Hof wijst het beroep van belanghebbende af en vernietigt het vonnis van de rechtbank, waardoor de reisaftrek niet wordt toegekend.