ECLI:NL:GHAMS:2008:BH0936
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- R.H. Happé
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankuitspraak over status onroerende zaken en toepassing foutenleer in vennootschapsbelasting
Belanghebbende, een vennootschap die voorheen een garagebedrijf exploiteerde, heeft haar bedrijfsactiviteiten gestaakt en de onroerende zaken aangehouden met het oog op verkoop en herinvestering. Na een aandelenoverdracht en wijziging van de statutaire doelomschrijving, werden de panden deels verkocht en deels verhuurd.
De rechtbank oordeelde dat de panden ten tijde van verkoop geen bedrijfsmiddel meer waren maar tot de voorraad behoorden, waardoor de gevormde vervangingsreserve onterecht was. Belanghebbende stelde dat de panden na staking van het garagebedrijf bestemd waren voor verhuur en dat de aandelenoverdracht niet automatisch leidde tot functiewijziging van het onroerend goed.
Het Hof oordeelt dat belanghebbende niet is geslaagd in het bewijs dat de panden de status van bedrijfsmiddel behielden na wijziging van de bedrijfsactiviteiten. Het Hof sluit zich aan bij de rechtbank en bevestigt dat toepassing van de foutenleer in het jaar 2000 gerechtvaardigd is om de fout te herstellen. Het beroep op het vertrouwensbeginsel is ingetrokken. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat de panden geen bedrijfsmiddel meer zijn en past de foutenleer toe, waarmee het beroep van belanghebbende wordt afgewezen.