ECLI:NL:GHAMS:2008:BD4338
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding ondanks gezondheidsproblemen
Belanghebbende diende een bezwaarschrift in tegen aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 1998, maar dit was ruim na de wettelijke termijn. De rechtbank verklaarde het bezwaarschrift niet-ontvankelijk wegens te late indiening. Belanghebbende voerde in hoger beroep aan dat zijn ernstige gezondheidsproblemen en depressie hem verhinderden tijdig bezwaar te maken.
Het Hof onderzocht de omstandigheden, waaronder de ziektegeschiedenis van belanghebbende, die vanaf augustus 1999 ziek werd en pas in 2001 gedeeltelijk herstelde. Ondanks deze omstandigheden oordeelde het Hof dat de gezondheidsproblemen niet zo ernstig waren dat belanghebbende niet in staat was om maatregelen te treffen om de termijnoverschrijding te voorkomen.
De inspecteur had de aanslagen opgelegd en het bezwaarschrift niet-ontvankelijk verklaard. Het Hof bevestigde deze beslissing en oordeelde dat het bezwaarschrift terecht buiten behandeling werd gelaten. Een inhoudelijke behandeling van de bezwaren kon daardoor achterwege blijven. Tevens wees het Hof erop dat een beroep op het vertrouwensbeginsel jegens de inspecteur niet tot een voor bezwaar vatbare beschikking leidt.
Het Hof wees geen proceskosten toe en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Haarlem van 10 januari 2006. De uitspraak werd op 23 april 2008 in het openbaar uitgesproken door de belastingkamer van het Gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat het bezwaarschrift niet-ontvankelijk is wegens overschrijding van de bezwaartermijn ondanks gezondheidsproblemen.