ECLI:NL:GHAMS:2008:BD3479
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- P.F. Goes
- J.P.A. Boersma
- J. den Boer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van evenredige scholingsaftrek voor aandeel in maatschap
Belanghebbende, een BV die lid is van een maatschap voor belastingadvies en accountancy, stelde dat haar volledige scholingskosten in aanmerking moesten worden genomen voor de fiscale scholingsaftrek. De rechtbank had echter geoordeeld dat slechts een evenredig deel, corresponderend met haar 2,57% winstdeel in de maatschap, aftrekbaar was. Het hof bevestigt dit oordeel.
De kern van het geschil betrof de uitleg van artikel 11c, eerste lid, Wet IB 1964, waarbij scholingskosten alleen aftrekbaar zijn voor in de onderneming werkzame personen. Aangezien belanghebbende alleen een deel van de winst en lasten van de maatschap toekomt, kunnen ook slechts die kosten evenredig worden toegerekend.
Belanghebbende voerde aan dat deze benadering onredelijke uitkomsten geeft en niet door de wettekst of wetsgeschiedenis wordt ondersteund. Het hof oordeelt echter dat de evenredigheidsbeperking voortvloeit uit het transparantierecht van de maatschap en de fiscale eenheid, en dat de faciliteit juist is bedoeld om investeringen in scholing van eigen personeel te stimuleren.
De inspecteur en rechtbank stelden dat bij doorbelasting van kosten aan de maatschap volledige aftrek mogelijk zou zijn, wat het voorbeeld van belanghebbende ontkracht. Het hof bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat scholingskosten slechts evenredig aan het winstdeel in de maatschap aftrekbaar zijn en verklaart het hoger beroep ongegrond.