ECLI:NL:GHAMS:2005:AV3118
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.B.C.M. van der Reep
- J.M.H. van Staveren
- W.P. Scheltema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geldige huurovereenkomst met repeterend optierecht en onvoorziene omstandigheden
In deze zaak staat centraal de vraag of de tussen partijen gesloten overeenkomst een huurovereenkomst betreft en of de verhuurderverplichtingen zijn overgegaan op de huidige eigenaar. De huurovereenkomst is aangegaan voor bepaalde tijd met een repeterend optierecht voor de huurder, Driessen BV. De verhuurder betwistte het bestaan van een huurovereenkomst en sommeerde tot ontruiming.
De rechtbank oordeelde dat sprake is van een geldige huurovereenkomst en dat de opvolgend eigenaar gebonden is aan de rechten van de huurder. Het hof bevestigt dit oordeel en stelt dat het repeterend optierecht in geval van onvoorziene omstandigheden doorbroken kan worden, waardoor de overeenkomst niet als eeuwigdurend kan worden beschouwd.
Daarnaast heeft Driessen BV haar voorwaardelijke vordering in reconventie gewijzigd in een onvoorwaardelijke vordering, maar het hof verklaart zich onbevoegd om hiervan kennis te nemen wegens procedurele regels. Het hof veroordeelt de partijen in de proceskosten van het principaal en incidenteel appèl en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de huurovereenkomst geldig is en verklaart zich onbevoegd ten aanzien van de gewijzigde vordering van Driessen BV.